Afgelopen week lazen we massaal het stuk in de NRC van Damiaan Denys, de voorzitter van alle psychiaters van Nederland. Ik vond het een goed stuk. Ja. Oprecht. Een goed stuk. Ik las dingen waarmee ik het eens was: mensen willen een maakbaar leven en daar hoort ‘lijden’ niet bij. Komt dat ‘lijden’ er wél, dan móet daar hulp voor komen. Van een coach, van een psycholoog of van een psychiater. Ik zie dat daadwerkelijk om me heen gebeuren. Wat ik jammer vind aan het betoog van Denys, is dat hij het over 6/7% écht zieken heeft: de waanzinnigen. Ík loop bij een psychiater: ben ik nu één van die 6/7%? Het valt toch wel mee met mij? Of had ik toch iets langer moeten lijden en even een kopje thee bij de buurvrouw moeten gaan drinken?

Vervolgens las ik de kritiek van Jim van Os en van Menno Oosterhoff, ook beide psychiater en ook hun stuk vond ik goed. Maar ook écht goed. Zij herkenden de geschetste patiënten niet. Zij zagen zelden een patiënt van wie ze dachten: ‘had dat nou eens even gewoon met je buurvrouw opgelost!’

De term ‘buurvrouw’ triggert mij. Ik mag het woord ‘triggeren’ gebruiken, want ik ben patiënt in de ggz en ik hoor dat woord in zo ongeveer élke sessie voorbijkomen. Ik háát die term, maar nu wil ik hem gebruiken.

De buurvrouw dus. Daar waar je volgens oud-minister Schippers je psychische problemen mee moest oplossen. De beelden die ik daarbij krijg zijn over het algemeen wat frappant, omdat ik inmiddels wel wat om me heen heb gezien. Zowel aan buurvrouwen, als aan ggz-patiënten, als aan de combinatie van die twee. Ik kan héél veel voorbeelden noemen wanneer het niet verstandig is als een psychiatrisch patiënt zijn problemen bij de buurvrouw neerlegt. Ik denk dan wel –ik ben eerlijk- meteen aan een psychotische, agressieve man die denkt dat hij iedereen moet redden. Waarvan weet niemand, en de buurvrouw al helemaal niet. Maar alle psychiaters en ook oud-minister Schippers zullen het met me eens zijn dat deze man binnen de doelgroep valt die wél bij de ggz hoort.

Voor al die andere gevallen dat je het niet weet, heb ik een korte handleiding gemaakt: wanneer ga je wél naar de ggz en wanneer klop je even bij je buuf aan? Misschien hebben jullie er wat aan…

Je bent je huissleutel vergeten >> Je gaat naar de buurvrouw. Niet naar een willekeurige buurvrouw, maar naar diegene die ook daadwerkelijk een sleutel van jouw huis heeft. De kans dat de ggz je huissleutel heeft is zeer klein (denk je dat de ggz-instelling wél jouw huissleutel heeft en óók al jouw inloggegevens bezit, dan is een doorverwijzing van de huisarts voor de ggz wellicht wél een goed idee).

Je hebt zin in een glas wijn, want je bent je ruziënde kinderen echt helemaal zat >> Je gaat naar de buurvrouw. Niet naar een ietwat onbekende buurvrouw die misschien nog wat goedkope wijn in een kartonnen pak heeft staan, maar je gaat naar de buurvrouw die snapt dat jij na een dag met je kinderen een glas goede Chardonnay nodig hebt. Je gaat niet, ik herhaal: niet, naar de ggz. Uit ervaring weet ik dat er slechts een koffieapparaat te vinden is in die gebouwen.

Je hebt zin in een glas wijn, eigenlijk wel in zeventien glazen wijn, want je bent je ruziënde kinderen echt helemaal zat en je denkt erover om ze iets aan te doen >> Je gaat naar de ggz. En dat gaat niet zomaar. Je belt eerst de huisarts en deze verwijst je na jouw verhaal vást door met de crisisdienst van de ggz (je krijgt vervolgens geen zeventien glazen wijn, maar als het goed is, wel hulp)

De suiker is op >> Je gaat naar de buurvrouw, of naar de buurman, het maakt niet zoveel uit naar welke, als je maar suiker kan krijgen. Je gaat niet naar de buurvrouw die haar hele levensverhaal aan je kwijt wil. Je kiest een neutrale buur uit (woon je dichtbij een ggz-instelling, dan is dat ook een optie. De koffieapparaten zijn bij binnenkomst vaak al te zien en dan kan je gewoon wat suikerzakjes pakken, dus in een enkel geval zeg ik: is je suiker op? >> Ga naar de ggz).

Je partner is ervandoor met je beste vriendin >> Je gaat naar je fijne buurvrouw en huilt daar dagenlang de ogen uit je hoofd. Stukje bij beetje pak je je leven weer op. Lukt dat na een paar maanden nóg niet, dan kan je een bezoek aan de huisarts- en dus een eventuele doorverwijzing naar de (poh-) ggz overwegen.

Je hoort stemmen. Ze zeggen dat je bloot door de stad moet lopen om iedereen te vertellen dat het eigenlijk zomer is, terwijl het winter is >> Hopelijk wordt de ggz snel voor je ingeschakeld. Je hoeft niet eerst langs een buurvrouw.

Je poes is ziek en je hebt vervoer nodig >> Hoewel je hebt gehoord  van de nieuwe ‘psycholance’ in je gemeente, en je daar eigenlijk wel een ritje in wilt maken, kies je in dit geval toch voor, wederom, de buur. Liefst één met een rijbewijs. En met een auto.

Je wilt weten wat de buurvrouw van nummer 49 toch heeft, maar durft het haar niet te vragen >> Je gaat naar nummer 47 of 51 en probeert erachter te komen. Je kunt ook je plaatselijke ggz-instelling bellen, maar die doen (weet ik uit ervaring met dit soort vraagstukken) ‘geen uitspraken i.v.m. de privacywetgeving’. Heel vermoeiend. Ze kunnen mij, als overbuurvrouw toch best zeggen of ze daar loopt met bijvoorbeeld een depressie of een angststoornis? Erg flauw. Maar in dit geval geldt dus weer: blijf in de buurt!

Je voelt je somber. Eigenlijk denk je er wel eens aan om er niet meer te zijn. Je durft er met niemand over te praten, zeker niet met je wat onaardige huisarts >> ga naar een vervangende huisarts, zoek een goede vriend(in) die met je mee wil. Durf je dat niet? Wat dacht je van die aardige buurvrouw die jou laatst zei: ‘als er iets is, ben je altijd welkom hoor!’ GA! GA alsjeblieft naar deze buurvrouw. Vertel haar dat je het niet weet dat je er niet over durft te praten en wellicht kan zij iets voor je betekenen? Misschien wijst ze je op een andere huisarts. Misschien belt ze jouw huisarts voor een verwijzing naar de ggz. Misschien doet ze iets anders helpends….

Zo’n buurvrouw, zoals hier in het laatste stukje staat beschreven. Zo’n buurvrouw wil ik zijn. Voor iedereen eigenlijk. En ik zal ze dat melden. Beter een goede buur dan een verre…. Maar omdat ik snap dat de buurvrouw in die situatie wellicht niet je eerste keuze zou zijn, schreef ik deze handleiding.

Misschien kan er ook een poster van komen voor in bushokjes en wellicht een landelijke campagne? ‘Buurvrouw of ggz? Jij bent aan zet!’ Oké, over de slogan moeten we het nog even hebben…