Cognitieve gedragstherapie gaat ervan uit dat gedachten, gevoelens en gedrag op een bepaalde manier met elkaar verbonden zijn. Iemands gedachten beïnvloeden zijn of haar gevoelens en gedrag. In de cognitieve gedragstherapie onderzoekt u samen met uw psycholoog welke gedachten u heeft over uzelf en anderen. U onderzoekt ook welke van uw ideeën op werkelijkheid berusten. Zo kunt u achterhalen waar deze gedachten vandaan komen en ze vervangen door gedachten die beter bij de werkelijkheid aansluiten. De nadruk ligt op het aanleren van andere, meer positieve gedachten. U zult merken dat u zich daardoor ook beter gaat voelen. Cognitieve gedragstherapie zorgt ervoor dat u minder last heeft van uw psychose als de medicatie (nog) onvoldoende resultaat geeft.
Wie verzorgt de behandeling?
Cognitieve gedragstherapie wordt aangeboden door medewerkers die hiertoe bevoegd zijn in het kader van de wet BIG (wet Beroepen in de Gezondheidszorg) en die erin zijn getraind. Dit zijn meestal psychologen (GZ-psychologen of klinisch psychologen) of psychotherapeuten, maar het kunnen ook anderen zijn, bijvoorbeeld artsen of psychiaters.